Bedrijf 4
Scène I
Salon: iedereen
Gina:
‘Ik heb een voorstel.’
Louisa:
‘Ik hoop meer dan 1 want anders gaat dat hier rap gedaan zijn.’
Gina:
‘Nee, maar 1.’
Louisa:
‘Allez dan, dan kunnen wij de hele avond op ons liedje oefenen .’
Andreas:
‘Wat is je voorstel, Gina?’
Gina:
‘Awel, ik stel voor dat we aan het hele huis hier vragen om voor ons deze vergadering uit te schrijven.’
Olga:
‘Hoe onze mening telt niet meer mee?’
Friedl:
‘Maar hoe weten ze nu hoe wij denken?’
Anna:
‘Ze kennen ons toch al wel goed, nee?’
Roos:
‘Een frisse wind, waarom niet.’
Olga:
‘Ik hoop dat ze wel goed begrepen hebben dat ik een intellectueel ben.’
Louisa:
‘Wie weet wat ze allemaal begrepen hebben, Olga.’
Anna:
‘Maar als het niet goed voelt, wat dan?’
Gina:
‘We zeggen aan iedereen om de vergadering uit te schrijven en dan kiezen we er de tien beste uit. Als er één is waar we ons allemaal in herkennen, dan houden we de vergadering zo.’
Olga:
‘En anders?’
Gina:
‘Dan proberen we er een paar.’
Ché:
‘Zo zijn we wel een tijdje zoet, nee?’
Gina:
‘Ik denk dat we dat zo om de 5 jaar moeten doen?’
Olga:
‘Om de 5 jaar, ze zullen ons zien komen.’
Louisa:
‘En altijd hetzelfde, dat weet ik niet zunne.’
Friedl:
‘Het heeft wel iets.’
Roos:
‘Hm ik vind het wel spannend.’
Friedl:
‘Problemen zijn tijdloos.’
Roos:
‘De oplossingen daarentegen...’
Ché:
‘Maar durven we wel zo ver gaan’
Gina:
‘Dat is een goeie vraag, Ché.’ (kijkt rond)
Louisa:
‘Ik durf alles.’
Olga:
‘Bwa, ik begin precies toch wat nieuwsgierig te worden.’
Roos:
‘Ik vind het een goed idee, Florreke.’
Friedl:
‘Ja, ik doe mee.’
Ché:
‘Ik zal wel zenuwachtig zijn.’
Anna:
‘Ik ook, en ik ben ook geen veelprater.’
Andreas:
‘Waarom niet’
Gina:
‘Bon, dan heb ik hier toevallig onze laptop open op onze site en dan tik ik in?’
Louisa:
‘Lees het al maar.’
Gina:
‘Ik heb nog geen tekst.’
Louisa:
‘Beste huisgenoten, zoals jullie weten, zitten wij met een aantal problemen, én, zoals jullie ook weten is het gemakkelijker problemen te hebben, dan oplossingen…’
Anna:
‘Mogen wij daarom nederig aan jullie vragen om oplossingen voor ons uit te schrijven, zodat wij weten wat wij op de vergadering moeten zeggen.’
Ché:
‘En de beste mag met ons mee naar Cluny.’
Gina:
‘Stuur je voorstel in op www.blogklaprozen.be’
Anna:
‘Knuffeltjes van ons allemaal.’
41
Olga:
‘Ola ola.’
Louisa:
‘Sht, ist af, kunnen we dan nu,’
Roos:
‘Allez hier gaan we, allen aan de kant.’
Ouw dozen
Rap met rapdansje voor de ouderen onder ons, handjeklap tussen Louisa en Gina.
Louisa:
‘Hier zitten we dan’
Allen:
‘In ’t Outroze’
Louisa:
‘Een hechte clan’
Allen:
‘Echte ouw dozen’
Gina:
‘We trekken onze plan’
Allen:
‘In ’t Outroze’
Gina:
‘In ieders belang’
Allen:
‘Echte ouw dozen’
Louisa:
‘Een bulderlach’
Allen:
‘In ’t Outroze’
Louisa:
‘Echt alles mag’
Allen:
‘Echte ouw dozen’
Gina:
‘Een warm onthaal’
Allen:
‘In ’t Outroze’
Gina:
‘Voor elk verhaal’
Allen:
‘Echte ouw dozen’
Allen:
‘Hier zitten we dan’
Publiek:
‘In ’t Outroze’
Allen:
‘Van niemand bang’
Publiek:
‘échte ouw dozen’ (2 tellen)
Allen:
‘zo’n klaprozen.’
42
A:
‘Klein, klein kleutertje
Wat doet gij in den hof?
Ge plukt er alle bloemetjes af’ (interactie met publiek)
Publiek:
‘Ge maakt het veel te grof’
A:
‘en maakt een mooie bos’
Publiek:
‘Mamake die zal kijven’
A:
‘Mama-be die zal blij zijn’
Publiek:
‘papake die zal slaan’
A:
‘Mama-ce pinkt een traan’
Publiek&A:
‘klein, klein kleutertje’
Publiek:
‘ga hier maar gauw vandaan’
A:
‘dat heb je mooi gedaan’
O:
‘Zeg kwezelke wilde gij dansen
ik zal u geven een ei
wel neen, zei dat kwezelke
dat dansen is niets voor mij
‘k en mag niet dansen
‘k en kan niet dansen
dansen is onze regel niet
begijntjes en kwezeltjes
dansen niet …
‘Zeg kwezelke wilde gij dansen
ik zal u geven een koe
wel neen, zei dat kwezelke
van dansen word ik zo moe
‘k en mag niet dansen
‘k en kan niet dansen
dansen is onze regel niet
begijntjes en kwezeltjes
dansen niet …
‘Zeg kwezelke wilde gij dansen
ik zal u geven (aarzelen) een man (even pauzeren)
wel neen, zei dat kwezelke
van dansen word ik zo stram
‘k en mag niet dansen
‘k en kan niet dansen
dansen is onze regel niet
begijntjes en kwezeltjes
dansen niet …
‘Zeg kwezelke wilde gij dansen
ik zal u geven (aarzelen) een vrouw (even pauzeren)
wel ja, zei dat kwezelke
43
laat’t dansen beginnen algauw
ik kan wel dansen
ik mag wel dansen
dansen is onze regel wel
begijntjes en kwezeltjes
dansen wel! …
4 juni 2006
44
vrijdag, november 24, 2006
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten