Scène II
Salon
Louisa komt al zingend op. Anna, Roos, Olga en Andreas zitten met een kopje koffie of thee hun krant, boek of Story te lezen. Andreas de Fet, Roos de Standaard, Olga de Morgen en Anna het Belang.
Louisa:
(met theatrale danspasjes) ‘Goeiemorgen, morgen, goeie dag, blij dat ik u weer verwelkomen mag. Goeiedag iedereen blij dat ik weer… (dansen, springen. Vanaf ‘de wereld is een schouwtoneel’ springen de anderen op en beginnen mee te zingen en te dansen. Iedereen doet het hare maar een aantal bewegingen is op elkaar afgestemd, zodat het duidelijk is dat zij dit al eerder gedaan hebben. Aan het einde is iedereen aan het lachen.
Louisa:
(geeft iedereen een ochtendkus en Anna een knuffel) ‘Dag schattekes’
Anna:
‘Hm jij ruikt nog lekker naar slaap.’
Lousia:
(rekt zich uit) ‘Ik heb ook geslapen als een roos.’
Roos:
‘Allez dan, deze roos heeft anders de hele nacht door gesudokuut.
Louisa:
(schenkt zich een kopje koffie in) ‘Da’s toch al beter dan onze statuten herschrijven.’
Olga:
‘We moeten daar anders wel werk van maken, straks gebeurt er iets en staat alles op zijn kop omdat niets geregeld is.’
Louisa:
‘Mmm geregeld! Olga, Olga. Je kunt niet alles regelen. Wij leven samen en als er problemen zijn dan moeten we die dan maar oplossen. Ik wil niet dat heel mijn leven al vaststaat. Straks moeten we nog een contract opmaken waarin we (overdreven intonatie) stipuleren wanneer we wensen te sterven, wie we nog allemaal wensen te zien en hoeveel kaarsjes er rond ons bed moeten staan als we de doodsprik krijgen, welke muziek…’
Andreas:
‘Louisa.’
Louisa:
(onverstoord) ‘en dit liefst drie maanden vooruit melden…’
Andreas:
‘Louisa, asjeblieft’ (zacht smekend)
Louisa:
‘zodat ze je aandeel op tijd kunnen doorverkopen. Het leven is onvoorspelbaar enneu…’
Anna:
(begint te huilen) ‘Oh Louisa’ (snuit haar neus, Andreas slaat arm om haar heen)
Ché:
(komt binnen met gekleurde kleine glaasjes) ‘Jullie cocktails,dames.
Roos:
‘Moet je weer werken, Ché?’
Ché:
‘Jamils ma is zwaar ziek en ik val voor hem in.’
Roos:
‘Oei, dan zal Jamil wel over zijn toeren zijn.’
Ché:
(zucht) Ja, ze is nog maar 59, maar ze is totaal op.
Roos:
‘Hm, hard leven.’
Ché:
‘en Jamil raast van de ene naar de andere dokter, praat tegen 200 per uur, slaapt niet meer, eet nauwelijks nog…’
Roos:
‘Totaal op. Hij moet zich ziek melden en wij moeten een vervanger zoeken. Jij moet ook rusten, Ché.’
Ché:
‘Ik kan het wel aan.’
Roos:
‘Rusten en een eigen leven leiden. Wij wonen hier. Jij niet. Vergeet dat niet.’
Ché:
‘Och Roos’ (ruimt de glaasjes op en vertrekt)
Roos:
‘Ik zal Jamil eens bellen en hem zeggen dat we het waarderen dat hij zijn ma zo verzorgt.’
Andreas:
‘En verzeker hem dat de job voor hem blijft.’
Roos:
‘Zal ik doen…Zou er iets aan de hand zijn met Ché, denk je’
Andreas:
‘Vermoeidheid misschien.’
Louisa:
(stijgende intonatie) ‘Of liefdesverdriet?’
6
Olga:
‘Grrr’
Louisa:
‘Of verliefd…dat is hetzelfde gevoel.’
Olga:
(kan zich niet meer inhouden) ‘Of misschien is het een lesbienne die haar puberteit niet heeft mogen beleven en dit trauma opnieuw en opnieuw opvoert in volcontinu puberaal gedrag en onnozele opmerkingen.’
Louisa:
(speels naïef+verbaasd+verbijsterd) ‘Waaat!? (pauze en kijkt de anderen aan) ‘Heb ik nu een probleem of een oplossing?’
(De andere drie lachen stilletjes)
Olga:
(furieus) ‘Met jou valt niet te praten.’
Louisa:
(imitatie gekwetst) ‘Schatje’ (stijgende intonatie)
Olga:
‘En stop met mij te schatten!’
Louisa:
‘Zoet..?’
Olga:
(woeste blik)
Louisa:
(zucht) ‘Olga,’ (heel officieel en namaak ernstig) ‘met jou valt ook niet te praten.’
Olga:
‘Hm da’s een goeie.’
Louisa:
‘Dat is, (met veel nadruk) Olga, jij gebruikt wel veel woordjes maar het is precies of ik het orakel van Delphi hoor.’
Olga:
(snerend) ‘Het orakel van Delphi!?’
Louisa:
‘Ja, Olga (nadruk), (nu met diepe stem, traag, zet handen aan de mond, spreekt en kijkt naar omhoog) U heb één vader en drie moeders. Op uw reis heeft u een stuk weg gemist. U zult uw leven opnieuw beginnen en eindeloos dat stuk weg bewandelen.’ (echo in bewandelen)
Olga:
‘Lach maar, Louisa (evenveel nadruk) hoeveel relaties heb je eigenlijk gehad? (agressief)
Louisa:
‘Oei, moet ik die allemaal tellen?’ (blokt agressie met humor af)
Olga:
‘Relaties Lou-is-sa, geen flirts of one-night-stands.’
Louisa:
‘Wat blijft er dan over?’ (gespeeld onschuldig)
Olga:
‘Een relatie, Louisa, waar je samen woont, kookt, kuist.’
Louisa:
(trekt een vies gezicht) ‘Eikes!’
Olga:
‘Een relatie is niet enkel plezier: je deelt elkaars lief én leed, je neemt je verantwoordelijkheid…’
Louisa:
(die per woordje dieper in haar zetel zakt en nu doet alsof ze gevloerd is) ‘Mijn god, wat ben jij een tekstboeklesbo!
Gina:
(op) ‘Soep!’
Roos:
‘Oh, je komt als geroepen.’ (staat op en geeft Gina een kus)
Gina:
‘Witloof- Kerry- en kokosmelksoep.’ (de anderen snuiven en staan met hun soepkommetje aan te schuiven)
Andreas aan Anna:
‘Gaat het?’
Anna:
‘Ja, ik ben heel gelukkig geweest.’ (zelfreflecterend)
Andreas:
‘Ja’ (en kijkt weg)
Roos:
(naar Gina met een arm om haar heen) ‘Mijn kookpotje’
Gina:
‘Wel zonder schone slaapster.’ (liefdevol)
Roos:
‘Ach mijn oorlogswonde.’
Gina:
‘Ik weet het (kijkt haar in de ogen) wordt dus een rustige dag vandaag.’
Roos:
(speels, liefkozend, namaak-onderdanig) ‘Ayay commandanté.’
Andreas:
‘Komt Ché geen kommetje soep eten?’
Gina:
‘Ik heb haar niet gezien.’
Roos:
‘Ik zal haar gaan halen (Gina, ongelukkige blik) op mijn gemakske.’ (Roos af)
7
Andreas:
‘Friedl is vandaag zeker niet komen opdagen?’
Anna:
‘We moeten haar wat tijd geven.’
Andreas:
(instemmend) ‘En wat begrip.’
Olga:
‘Ik heb Friedl altijd heel bekwaam gevonden.’
Louisa:
‘Oei-oei, hier gaan we’t horen.’
(Roos en Ché komen binnen en Ché neemt kommetje soep, eet heel traag en met duidelijk veel moeite.)
Olga:
‘Hoeveel jaren heeft de beweging niet gewerkt om de schadelijke gevolgen van misbruik van vertrouwen aan te tonen’
Anna:
(zucht) ‘Ja en er zijn ook gruwelijke getuigenissen gepubliceerd.’
Roos:
(heel stil en ingetogen) ‘En hoeveel mensen hebben er niet mee kunnen leven en zijn blijven zwijgen…ten koste van zichzelf.’
Louisa:
‘Maar het gaat toch over twee volwassen mensen of mis ik iets’
Gina:
‘Ja, absoluut. ..Voor iemand van 25’
Louisa:
‘Ola’ (protesterend)
Gina:
‘gek op verse heterootjes’
Louisa:
‘Ik…’
Gina:
‘moet dat toch duidelijk zijn.’
Louisa:
(kijkt sprakeloos rond) ‘Als jij dat zegt’ (hulpeloos)
Olga:
‘We weten allemaal dat er een verschil is tussen fysieke en emotionele leeftijd. Toen ik dertig was bijvoorbeeld, heb ik Adelheid leren kennen. 44, woonde nog altijd thuis. Pa zorgde voor haar papieren, auto, beleggingen. En ma (schudt haar hoofd) ze gingen zelfs naar dezelfde kapper. Moeder-beste vriendin, ken je dat?’
Anne:
‘Zou verboden moeten zijn’
Gina:
‘Hoezo?’
Olga:
‘Enfin om een lang verhaal kort te maken’
Louisa:
(op het puntje van haar stoel) ‘Niet nodig!’
Olga:
‘Ik werd haar ma en pa, luisterde eindeloos naar haar verhalen, alles was nieuw voor haar en alles was moeilijk. Een keuze kon ze niet maken. Alle beslissingen nam ik.
Anna:
(tut) ‘Wél een vreemde definitie van een relatie.’
Olga:
(verbitterd) ‘Ze kon zich niet losmaken van haar ouders, dus stapte ze op. Ja, zij heeft mij laten zitten en met ma en pa, die toch oh zo blij waren dat ze hun ‘baby’ terug hadden, heb ik toen wel mijne ‘pere’ gezien.’
Louisa:
(medelevend) ‘Dat wist ik niet.’
Olga:
(zucht) ‘Mijn pedofiele relatie noem ik het…’
Gina:
‘Allez’
Anna:
(sussend) ‘Dat is wat’ (zoekt naar het juiste woord)
Olga:
‘Ik dertig en zij…negen?’
Ché:
‘Maar dat kon je toch niet weten, Olga.’
Gina:
‘En het loopt ook vaak anders.’
Olga:
‘Wat ik eigenlijk wou zeggen is dat mensen niet evenwaardig zijn omdat ze fysiek dezelfde leeftijd hebben.’
Andreas:
‘Ik herken dat wel. (peinzend) Vlak voordat Jo stierf, heb ik Sofie leren kennen…Ik wist niet wat mij overkwam. De ene dag was ik de sterke, die mijn man kon verzorgen en de zaak runde, offertes uitschreef, materiaal aankocht, werven checkte, werk verdeelde… en op de andere dag was ik de meest onhandige puber, stotterend, onzeker, niet wetend wat te doen, wat kon of niet en zooo…kwetsbaar.’
Gina:
‘Ja, Roos en ik kenden elkaar al, maar toch, toen we door hadden dat we verliefd
8
op elkaar waren, maakte mij dat eigenlijk bang.
Olga:
‘Kom (staat op) decorateur-general. Wij moeten de tafel dekken en het eten afwerken.’ (goedmoedig, lachend)
Louisa:
(staat gespeeld slaafs op) ‘Goed, zeg maar wat ik moet doen (kleine pauze) tekstboeklesbo.’
Groep:
(Half lachend half kreunend)
Gina:
‘Er zit al genoeg peper in, hé dames.’
Louisa:
(schalks) ‘In ’t eten?’
Gina:
(onmiddellijk) ‘Ook ja!’
9
vrijdag, november 24, 2006
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten